Padel is geen tennis

Padel is momenteel de snelst groeiende sport in Europa en is niet zomaar die korte hype, die iedereen dacht dat ze zou zijn. Bij ATC Anzegem zijn we er samen met Padel Vlaanderen van overtuigd dat ze de komende jaren nóg veel populairder zal worden dan vandaag.
Padelfoto2

De bal

Tennisballen en padelballen zien er bijna hetzelfde uit, maar in de meeste gevallen verschillen ze en dat kun je voelen wanneer je aan het spelen...

Opslag

De opslag gebeurt altijd onderhands, lager dan de heuphoogte, nadat men de bal één keer laat botsen achter de servicelijn.

Een kleinere racket

Een padelracket bestaat voornamelijk uit carbon en bevat een ongelimiteerd aantal gaten en een koord om het racket verplicht aan de pols vast te...

Makkelijker dan tennis

Heb je nog nooit getennist? Na 3 à 4 keer kan je al een leuke rally spelen.

image-asset.

Winter en zomer

Padel speel je het ganse jaar door, outdoor, tenzij het sneeuwt, dan drink je beter een lekker wijntje aan de bar

Gebruik wanden

Na de bots mag de bal eerst om het even welke glazen wand raken alvorens hij wordt teruggespeeld.

Dubbelspel

Op ATC Anzegem hebben we 3 dubbelterreinen want padel wordt meestal in dubbelspel gespeeld.

Afmetingen

Een padelterrein is rechthoekig, 20m lang en 10m breed met in het midden een net. De hoogte van de glazen kooi is achteraan 4m en 3m aan de...

Spelregels en spelverloop

Puntentelling

De puntentelling is identiek zoals in tennis.

Spelverloop

Bij padel moet de bal over het net op de speelhelft van de tegenspelers gespeeld worden. De bal moet eerst botsen op de grond voor hij één van de wanden raakt. Het doel is om de tegenspelers te beletten de bal terug te slaan. Spelers mogen de bal onmiddellijk met volley spelen of na de bots spelen. Na de bots mag de bal eerst om het even welke wand raken alvorens hij wordt teruggespeeld. De speler mag ook met behulp van de wand (niet de metalen structuur) de bal terugspelen naar de andere speelhelft.

Opslag

De opslag gebeurt altijd onderhands nadat men de bal één keer laat botsen achter de servicelijn. De bal moet steeds lager dan heuphoogte geraakt worden. De bal moet zoals bij tennis steeds diagonaal gespeeld worden. De serveerder moet met één voet op de grond blijven staan. Die voet mag hierbij de servicelijn niet overschrijden of raken. De bal moet rechtstreeks landen in het servicevak van de tegenspelers en mag daarna de metalen structuur niet raken, het glas of de muur wel. Net zoals bij tennis krijgt men 2 pogingen. Als de bal bij een opslag het net raakt en daarna in het servicevak van de tegenspelers landt zonder de metalen structuur te raken voor de tweede bots, geldt dit niet als een poging, maar wordt de opslag opnieuw gespeeld. De ontvanger mag kiezen of hij de bal terugspeelt voor of nadat deze eventueel de zij- of achterwand raakt. Na de opslag zijn de lijnen van geen belang meer.